Welcome to SEKEM Scandinavia.com - SEKEM Circle

Bijen in SEKEM

door Günter Friedmann, vertaald en bewerkt door Hendrik Jan Bakker, maart 2015
 
Guenter Friedmann
De Egyptische imkerij heeft een indrukwekkende geschiedenis. Duizenden bijenvolken van de alleen in Egypte levende soort Apis Mellifera Lamarkii werden al in de oudheid in 'bijenmuren' uit opgestapelde buizen van klei en stro gehouden. De bijenvolken werden over de Nijl vervoerd om optimaal gebruik te kunnen maken van de bloeiperioden van verschillende soorten bloemen. Juist vanwege deze traditie had ik een intacte imkerijstructuur verwacht en dat de omschakeling naar de Demeter-methode betrekkelijk eenvoudig te maken zou zijn. Maar dat was niet het geval.
 
Günter Friedmann is een pionier van de Demeter-imkerij in Duitsland. In 2007 begon hij met de opbouw van de imkerij op SEKEM. Dit artikel werd in 2012 als serie gepubliceerd in de Demeter Gartenrundbrief.
 
Bij mijn eerste kennismaking met de Egyptische imkerij en de bijenvolken was ik geschokt. Zoiets had ik in mijn dertigjarige loopbaan als imker nog nooit gezien. De bijenvolken verkeerden in een erbarmelijke toestand. Ze waren niet alleen zeer zwak, maar leden ook aan bijna alle bekende aandoeningen tegelijkertijd. De honingopbrengst was gering: vier tot zes kilo opbrengst per volk per jaar, terwijl vijftien kilo suiker werd bijgevoerd. De volken misten de kracht voor een eigen gezonde ontwikkeling. Dit was ook geen uitzondering, maar eerder regel op alle bedrijven die ik bezocht. Het was me snel duidelijk dat aan een eenvoudige omschakeling niet te denken was. Eerst moest de gezondheidstoestand van de volken gestabiliseerd worden en hun eigenheid worden versterkt. Maar om dat te bereiken moesten we eerst achter de oorzaken van deze elementaire verzwakking komen. 
 
We bezochten veel grote imkerijen, namen contact op met de Universiteit van Cairo en knoopten banden aan met het Egyptische ministerie voor landbouw. Relatief snel bleek het volgende: nog dertig jaar geleden waren ook in Egypte sterke volken en goede honingopbrengsten gebruikelijk. Sindsdien is het Egyptische milieu sterk veranderd. In Egypte vindt zeer intensieve landbouw plaats met toepassing van enorme hoeveelheden insecticiden en herbiciden. Gelijktijdig neemt het aantal drachtplanten (planten die het voedsel voor bijen leveren) zoals klaver sterk af omdat op de velden voornamelijk tarwe, rijst en katoen wordt verbouwd. Bovendien hebben de Egyptische imkers zich van hun wortels en tradities afgekeerd en hebben ze zich op aanraden van Europese en vooral Amerikaanse adviseurs op 'moderne', westerse methoden toegelegd.
 
Jarenlang werden op grote schaal koninginnen en hele bijenvolken uit Europa en de Verenigde Staten geïmporteerd. Deze zorgden in de eerste jaren voor een goede opbrengst, maar hebben zich niet aan het klimaat en de vegetatie van Egypte kunnen aanpassen. De meerderheid van de Egyptische imkers werkt momenteel met bijenrassen uit Midden-Europa die in hun natuurlijke omgeving een winterslaap houden. In Egypte zijn februari en maart goede honingmaanden. In de zomer zijn deze bijen het meest actief, maar dan is het in Egypte zo heet dat geen nectar meer wordt geproduceerd. Ook pollen is door de hitte en droogte nog maar weinig te vinden. In de eerste jaren ging het met de geïmporteerde koninginnen nog goed. De nakomelingen verzwakten echter sterk, vooral omdat de imkers niet selecteerden. De imkers hebben dus voor een groot deel zelf schuld aan de negatieve ontwikkeling. In de winter van 2010/11 ontstond in het hele Nabije Oosten een grote bijensterfte. Tot tachtig procent van alle volkeren stierf. 
 
Ondanks de moeilijke toestand zijn de Egyptische imkers welvarend. Honing is naar lokale maatstaven bijzonder duur, hoewel iedereen weet dat hij met veel suiker wordt aangelengd. Door de hoge honingprijs in combinatie met een lage suikerprijs is het lonend om veel volken te houden en deze intensief in te zetten, zonder rekening te houden met hun natuurlijke leefwijze. Zo wordt het hele jaar door honing geslingerd. Zodra een volk een kleine honingvoorraad heeft aangelegd, wordt die geoogst. Broedsels worden daarbij vernietigd. Daarna wordt met suikerwater bijgevoerd. Zo oogsten de imkers aan de ene kant honing van lage kwaliteit, aan de andere kant staan de bijen permanent onder hoge druk omdat ze nauwelijks voorraden kunnen aanleggen. Vaak genoeg staan op één plek 300 tot 500 volken, waardoor de kans op de overdracht van infecties groot is. Bovendien is de concurrentie in het afgegraasde land enorm. De volkeren zijn klein en zwak.
 
Bijesntal op SEKEMHet is natuurlijk problematisch om in een vreemd land een waardeoordeel te geven. Maar ik ervaar de imkerij in Egypte in hoge mate als cultuurloos. Materiële belangen hebben de kennis over de traditie en de levenswijze van de bijen volledig verdrongen. In het licht van deze situatie was het de vraag waar ik moest beginnen. Omdat we niet konden aanknopen bij pionierervaringen, moesten we stap voor stap vooruit tasten. Wij, dat zijn de imker Islam, mijn opdrachtgeefster in SEKEM Angela Hofmann en mijn trouwe begeleider en discussiepartner Helmut Kellndorfer. Om te beginnen begon mevrouw Hofmann de bijenstal op de Sekemfarm zelf te verbeteren. Een tweede stap was het afzien van ieder gebruik van antibiotica. Zou dat door de algemene verzwakking zorgen voor een ongeremde toename aan bijenziekten en leiden tot de dood van alle volken? Het resultaat was echter verbluffend. De ziekten namen niet toe, maar zijn intussen – ook als gevolg van de hierna beschreven maatregelen – geheel verdwenen. 
 
Als derde stap veranderden we het patroon van honingoogst en bijvoederen. In SEKEM wordt nog maar één maal per jaar geoogst. Na de oogst wordt bijgevoerd. Zo leiden de bijen niet meer aan voedselgebrek en kunnen ze hun totale verzamelde honingvoorraad weer overzien, waardoor de stabiliteit in het volk is teruggekeerd. Ook worden de broedraten niet meer vernietigd bij het oogsten. Varroamijt wordt met melkzuur bestreden. In tegenstelling tot het veelgebruikte mierenzuur is melkzuur niet schadelijk voor de bijen en werkt het ook bij hoge temperaturen. In het voorjaar van 2011 bleek dat onze bijen bijzonder vitaal waren. Terwijl in heel Egypte bijna tachtig procent van de bijenvolken stierf, lag ons verlies slechts rond de vijftien procent. 
 
Het zwaartepunt van ons imkerwerk ligt sindsdien op de selectie van vitale en aan het klimaat en de vegetatie aangepaste bijenvolken. Van de honderd volken waren er echter maar twee geschikt om mee te selecteren. Het selectieproces vergde veel tijd. Ook was het nodig om eigen criteria voor de beoordeling van de vitaliteit van de bijen te ontwikkelen omdat daar in Egypte maar weinig ervaring mee was. Het verbaasde mij dat in de Egyptische imkerij geen bewustzijn voor de noodzaak van selectie aanwezig is. Nieuwe volken worden eenvoudigweg gevormd door een broedraat met de bijen die daar op zitten uit een volk te halen en die met een koningin in een nieuwe kast te plaatsen. In Egypte is mij opnieuw duidelijk geworden hoe belangrijk een goede en consequente selectie is en hoe belangrijk het is om met een aan het landschap en het klimaat aangepaste bijensoort te werken.
 
Omdat het imkerbedrijf op SEKEM nog verlieslijdend is, vragen wij u nogmaals om een financiële bijdrage voor o.a. de reiskosten van  Günther Friedmann, die nog éen à tweemaal per jaar naar SEKEM reist om het project te begeleiden. U kunt uw gift overmaken op rekeningnummer NL76 TRIO 0212 4884 22 t.n.v. Vriendenkring SEKEM te Den Haag, o.v.v. 'bijen'.